|
Beleidsvisie 2009 CSC
Inleiding
De CSC-Sterilisatie Vereniging Nederland verkeert in een minder makkelijke fase van haar bestaan. Een deel van de regio’s heeft niet het volle vertrouwen in de landelijke structuur en zijn daardoor de afgelopen jaren een weg ingeslagen richting zelfstandige vereniging. De kritiek die geuit wordt op de landelijke vereniging is vooral gericht op de wijze waarop het bestuur een aantal zaken bestuurd heeft in de afgelopen jaren. Hierbij wordt echter voorbij gegaan aan de rol van de leden. Het bestuur bestaat uit vrijwilligers die zich inzetten voor de vereniging en dit met veel gedrevenheid doen. De rol van de leden is hierbij in de praktijk veel kleiner. In ledenvergaderingen zijn er een zeer klein aantal leden die een constructieve bijdrage leveren aan de vereniging (waarvoor hulde). Het merendeel van de leden is passief aanwezig en heeft weinig inbreng in de ledenvergaderingen. Een paar uitgangspunten die van belang zijn voor het in stand houden van een actieve vereniging zijn:
· Een bestuur dat uitvoert wat goed is voor de vereniging. Hiervoor dienen zij wel gevoed te worden door de leden, regionaal dan wel landelijk. · Leden van de vereniging die actief bijdragen aan de vereniging. · De leden zijn de vereniging. Om bovenstaande een positieve impuls te geven voor de komende jaren, volgt onderstaand de richting die het bestuur voorstaat.
Structuur
In de huidige situatie lijkt het alsof er meerdere verenigingen actief zijn in Nederland. Een deel van de regio’s hebben eigen statuten, een inschrijving bij de Kamer van Koophandel en eigen financiële middelen. Met andere woorden, zij zijn een zelfstandige vereniging. Indien zij verplichtingen aangaan, kan dit onder de naam CSC-Sterilisatie Vereniging Nederland geschieden, waardoor zowel de landelijke vereniging als een regio risico lopen. Tevens is het voor buitenstaanders niet duidelijk wanneer een standpunt een standpunt van de CSC is.
Een deel van de regio’s is op dit moment niet heel actief. Men is daar afhankelijk van een enkele persoon die het voortouw neemt en zijn de overige leden consumerend aanwezig. De gewenste situatie is in de ogen van het bestuur dat de Vereniging weer één vereniging wordt met een heldere structuur en één beeld naar derden. Hierdoor loopt de vereniging minder risico vanwege het feit dat een onderdeel een (financiële) verplichting is aangegaan waarbij de volledige vereniging aansprakelijk kan worden gesteld.
Derhalve is de toekomstvisie van het bestuur:
· Er is één landelijke vereniging met regionale werkgroepen. Deze werkgroepen ressorteren onder het landelijk bestuur en hebben dan ook geen eigen statuten, inschrijving KvK en budget. De regio’s hebben allen een gelijkluidend huishoudelijk reglement dat landelijk is vastgesteld. · Het landelijk bestuur bestaat minimaal uit één vertegenwoordiger per regio. · Landelijk ingestelde werkgroepen bestaan uit minimaal één vertegenwoordiger per regio. · De regio’s hebben geen eigen budget, maar dienen een begroting in voor het volgende jaar bij het landelijk bestuur · De regio’s worden teruggebracht naar 4 regio’s ter versterking van minder actieve regio’s en een betere verdeling van het aantal leden. De regiogrenzen vallen samen met de provinciegrenzen. De plaats waar de leden werkzaam zijn is bepalend in welke regio men participeert. De regio-indeling is als volgt: -Regio Noord: Drenthe, Friesland, Groningen, Overijssel - Regio Oost: Flevoland, Gelderland, Utrecht & Tergooi Ziekenhuis - Regio West: Noord Holland, Zuid Holland - Regio Zuid: Limburg, Noord-Brabant, Zeeland · De samenwerking met de VDSMH wordt waar mogelijk versterkt en vanuit het hoogpunt van de CSC behoort fusie in de toekomst nadrukkelijk tot de mogelijkheden. · Op termijn zal de CSC-Sterilisatie Vereniging er naar streven samenwerking te zoeken met de Vereniging van ziekenhuishygiënisten (VHIG), Vereniging van operatieassistenten (LVO), Vereniging van endoscopie verpleegkundigen en assistenten (SEVA) en andere relevante verenigingen die de doelstellingen van de CSC onderschrijven. · Het landelijk bestuur zal gaan werken met een dagelijks bestuur en een algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur (DB) zal bestaan uit de voorzitter, secretaris en penningmeester. Zij rapporteert betreffende de dagelijkse gang van zaken aan het algemeen bestuur (AB) Dit komt de slagkracht en besluitvormingssnelheid te goede. · Het hoofdsponsorschap van de Vereniging is aan verandering onderhevig. Er wordt geen hoofdsponsor gezocht die ons uitsluitend financieel ondersteund. Er wordt nadrukkelijk gezocht naar een hoofdsponsor die een partnership aan wil gaan en de vereniging ook ondersteunt in een verdere professionalisering en profilering in de toekomst.
Financiën
Ondanks dat de Vereniging nog geen rode cijfers schrijft is de financiële situatie niet stabiel genoeg om gerust de toekomst in te gaan. Het bestuur wil de komende jaren een situatie bereiken waarbij een financiële reserve is opgebouwd ter grootte van één jaarbegroting. Dit betekent wel dat er een aantal wijzigingen doorgevoerd zullen moeten gaan worden. Het bestuur stelt de volgende wijzigingen voor om dit doel te bereiken:
· De contributie wordt de komende 4 jaren verhoogd met een bedrag van € 5,- per jaar. · De sponsorbijdrage wordt de komende 4 jaren verhoogd met een bedrag van € 25,- per jaar. · De prijzen voor stands, bij de congressen worden met 10% verhoogd naar € 550,-/dag · Er komen reductieleden. Dit zijn medewerkers, werkzaam op een CSA afdeling waarbij het salaris niet meer bedraagt dan het maximum van schaal 35 van de CAO ziekenhuizen. Zij krijgen een reductie van 75% op de contributie. Wel zal van deze groep een financiële bijdrage gevraagd worden bij congresdeelname. De congressen blijven voor leden vrij toegankelijk behoudens de jubileumcongressen. · Bestuursuitgaven worden verminderd door bij toerbeurt te vergaderen bij een van de bestuursleden in plaats van een vergaderruimte te huren. · Congressen en de PR moeten geld genereren om ontwikkelingen te kunnen financieren. · Alle post en vergaderstukken wordt via e-mail verzonden. Dit bespaart op jaarbasis porto- en kopieerkosten. De leden zijn zelf verantwoordelijk dat het e-mailadres bij de vereniging bekend is. · 1x per jaar wordt er nog een congres gekoppeld aan de ledenvergadering. Bij de tweede ledenvergadering wordt een medewerkerdag gekoppeld. Voordeel hiervan is dat de tweede dag behoudens uitgaven ook opbrengsten genereert omdat hiervoor een toegangsprijs zal worden gevraagd. · Gelet op het feit dat de contributie voor de komende 4 jaar is geregeld kan de contributie ook eerder geïnd worden; voor het jaar waar de contributie over verschuldigd is, in plaats van het tweede kwartaal van het jaar. Dit genereert een kwartaal meer rente.
Opleiding
De laatste jaren zijn er veel ontwikkelingen op het gebied van opleidingen. Er wordt nu van de vereniging verwacht dat er keuzes gemaakt worden betreffende de toekomst. Hoe zien wij opleiden in de toekomst en op welke wijze willen wij dit vorm geven. In de huidige situatie bestaan ROC’s en LOI naast elkaar en geven beiden een opleiding tot Medewerker Steriele Medische Hulpmiddelen (MSMH) De vorm en inhoud van deze opleidingen verschillen echter. Is de LOI meer een activiteitgerichte opleiding, geven de ROC’s meer inzicht in het werkproces. De vraag is wat vindt de vereniging wenselijk voor de toekomst. Het LOI heeft aangegeven om ook een opleiding te willen starten die een erkend MBO diploma als resultaat geeft. Zij willen deze opleiding vooral inrichten in de vorm van elearning met een aantal lesdagen op zaterdag. Deze opleiding zou dan gegeven kunnen worden in anderhalf jaar in plaats van twee jaar. Echter de principiële vraag die beantwoord dient te worden: Vinden wij schriftelijk (dan wel e-learning) onderwijs nog passen bij de ontwikkelingen binnen het vakgebied? Het bestuur is van mening dat de meerwaarde van een BBL opleiding, zoals gegeven door de ROC’s een meerwaarde heeft ten opzichte van e-learning. Met name de dynamiek in het groepsproces wordt als belangrijk gezien, evenals de begeleiding door goede docenten. Kunnen wij als vereniging wel invloed uitoefenen op de opleidingen zoals die gegeven worden. In directe zin is het antwoord hierop negatief. Er is geregeld dat een ieder die het kwalificatiedossier als eis neemt deze opleiding mag verzorgen. Wij willen als vereniging wel invloed uit blijven oefenen. De vereniging zal in de toekomst haar naam niet meer verbinden aan een opleidingsinstituut. Het standpunt van de vereniging is dat er, afhankelijk van het aantal op te leiden kandidaten (naar verwachting ± 90 op jaarbasis) het aantal opleidingsinstituten niet meer mag bedragen dan 4, waarbij een goede geografische spreiding over het land een pré is. Middels participatie en afspraken in de branchecommissie wil de CSC invloed uit oefenen op de kwaliteit van de docenten; met name de vakinhoudelijke kennis en ervaring. Dit betekent concreet dat de CSC de opleiding zoals deze tot op heden door het LOI is gegeven niet langer ondersteunt.
De opleidingscommissie krijgt als gevolg van deze wijzigingen een andere structuur en rol. De voorzitter van deze commissie is per definitie ook lid van het landelijk bestuur. Ook deze commissie bestaat uit minimaal één lid van elke regio. Één van de leden (of de voorzitter) is lid van de landelijke branchecommissie. Via deze branchecommissie kan de vereniging invloed uitoefenen op de kwaliteit van de docenten en de lesinhoud. Tevens is een lid van de opleidingscommissie de vertegenwoordiger van de vereniging bij de sectorcommissie. (sectorcommissie bestaat uit (SVGB, vDSMH, CSC-Sterilisatie Vereniging Nederland en aanbieders van onderwijs). De opleidingscommissie krijgt tevens als taakopdracht mee om te komen tot een structuur van accreditatie van opleidingen en nascholingen en het ontwikkelen van een module of opleiding ten behoeve van de reiniging en desinfectie van flexibele endoscopen.
Inhoudelijk
Het bestuur is voornemens bij de volgende statutenwijziging de naam wijzigen in Sterilisatie Vereniging Nederland (SVN) en de naam CSC in de geschiedenisboeken bijschrijven. Dit omdat deze historische naam niet bijdraagt tot profilering van de vereniging. De vereniging (ledenvergadering) spreekt zich uit dat de leden actief participeren in de vereniging. De vereniging zal middels een werkgroep (met een vertegenwoordiging vanuit alle regio’s en een vertegenwoordiger van de VDSMH) onderzoek gaan doen naar het implementeren van digitale vrijgifte van de sterilisatieprocessen. De vereniging is van mening dat deze betrokken moet zijn bij de reiniging en desinfectie van flexibele endoscopen. De vereniging onderschrijft het kwaliteitshandboek van SFERD betreffende de reiniging en desinfectie van flexibele endoscopen en hanteert dit handboek als uitgangspunt. De vereniging streeft naar een vertegenwoordiging in alle werkgroepen van de normcommissie Steriliseren en Steriliteit zodat op alle terreinen van het vakgebied die daar aan de orde komen de brede professionele inbreng vanuit de vereniging gewaarborgd is. De vereniging streeft er naar een afvaardiging te sturen naar tijdelijke werkgroepen, commissies en projecten en naar (internationale) congressen om de vakinhoudelijke inbreng te borgen en de invloed van de vereniging op het vakgebied te vergroten. De vereniging streeft er naar het kenniscentrum te zijn op ons vakgebied. De vereniging streeft er naar, en neemt initiatieven om (wetenschappelijk) onderzoek te ondersteunen met kennis en expertise. De vereniging kent iedere 2 jaar een prijs toe aan die persoon of groep die het beste initiatief toont op het gebied van onderzoek en ontwikkeling van ons vak. De jury voor deze prijs bestaat uit het Dagelijks Bestuur van de vereniging en de 4 regiovoorzitters en een bestuurslid van de vDSMH. De Prijs behelst een bedrag van € 1000,-, te besteden aan nader onderzoek of ontwikkeling. De prijs zal bekend zijn als de “Jack-van-Asten-prijs”.
Public Relations
De website van de vereniging dient te worden uitgebouwd tot het virtuele kenniscentrum van “Steriliserend Nederland”. Dit wordt bereikt door alle publicaties, richtlijnen en normen te bundelen op deze website. Dit zal voor een deel in het niet publieke deel gebeuren i.v.m. rechten die op sommige normen rusten. Elke regio zal per kwartaal nieuwsitems inbrengen van zaken die in die regio actueel zijn, zodat de rubriek nieuws een ieder op de hoogte houdt wat er speelt in Nederland. Het landelijk bestuur zal trachten internationale ontwikkelingen zo goed mogelijk te volgen en deze in te brengen als nieuws of publicatie. De Parametric Release wordt uitgebouwd tot een blad dat rapporteert over onderzoeken, ontwikkelingen binnen de CSA. Hiertoe verplicht elke regio zich minimaal 1 artikel aan te leveren voor de uitgave van de PR. De sponsoren zullen actief benaderd worden voor een inbreng van meer inhoudelijke artikelen met daarin de internationale ontwikkelingen, voor zover sponsoren daar inzicht in hebben. De vereniging zal zich vaker actief presenteren bij bijeenkomsten, symposia en congressen en zal een inspanning verrichten om minimaal 3 keer per jaar middels persberichten aandacht te vragen voor het vak, dan wel de vereniging. Individuele leden spannen zich in om waar mogelijk (wetenschappelijk) onderzoek te doen en de kennis die hier uit komt, te delen met de collega’s in de regio en het land middels een presentatie op de website, in de PR dan wel op een symposium. De leden van de vereniging bundelen hun kracht en kennis binnen de vereniging en zijn naar derden een ambassadeur voor de vereniging en het vak.
|